Principes voor een speelse Vrijmij.-.


Moraalsystemen zijn gewoonlijk gebaseerd op nut of functionaliteit als grondprincipe.
De speelse Vrijm..-. echter wagen zich aan een speelse opvatting van ethiek.
Sinds lang, Plato zei het al en het christendom versterkte de boodschap, gaat het erom je ziel te redden, je plaatsje in de hemel te verdienen.
De beste manier om dat te bereiken is je leven te beteren... De sanctie die staat op het in gebreke blijven is de tekortkoming en de misstap.
Op het stuk van de moraal geven deze Vrijm..-. de voorkeur aan improduktiviteit en maakt het handelen ondergeschikt aan de schoonheid van het gebaar- tegen de geest van de ernst in.
In de filosofische systemen ontbreekt meestal het spel.
Het is zelfs geen object van strenge analyses bij de denkers die zich een allesomvattend begrip van de wereld ten doel stellen.
Die vreemde, marginale activiteiten worden buiten beschouwing gelaten, waarschijnlijk omdat er te veel feestelijkheid, gekheid, onverstand en plezier aan te pas komt.
De verrukking is de vijand van sommige Vrijm..-., die geen gelegenheid voorbij laten gaan om haar te bezweren met het verstand, de orde, de symmetrie of het systeem.
Het lijkt er trouwens op dat, hoe sterker de verrukking heimelijk in de geest van de denker werkzaam is, hoe gewelddadiger en karikaturaler de bezwering wordt: om zich daarvan te overtuigen zou men moeten aantonen welk verband er te leggen is tussen de zenuwinzinking van Hegel en de schepping van een monument dat in zijn geheel gewijd is aan de triade en aan de cultus van de drie momenten.
Ook de dialectiek zou eronder lijden... In tegenstelling tot hun collega's in de wijsheid houden deze Vrijm..-. van het feest met al zijn potenties van vrolijkheid of improvisatie: het vertrouwen in de geest, het ogenblikkelijk zoeken naar stijl of overgave aan de deugden van de hartelijkheid.
Nietzsche zou zeggen: de voorkeur voor Dionysus boven Apollo.
Voor sommigen wortelt het spel in het verlangen naar verstrooiing dat, op zijn beurt, voortkomt uit de kennis van het tragische of de ellende van de mens.
Het spel als poging om het ergste te vergeten.
Voor deze Vrijm..-. lijkt het alleen maar een bron van onmiddellijke genietingen, die voortkomen uit de beweging, de improvisatie, de zorgeloosheid of de ongebreidelde fantasie.
De ander speelt niet mee, het is voldoende dat hij toeschouwer is.
Ook hier laten deze Vrijm..-. zien hoe zeker zij zich voelen in hun solipsisme.
In hun Loge beschouwen zij andere Vrijm..-. als toeschouwers, toehoorders, veroordeeld tot een pedagogisch voyeurisme: ze zullen zien, horen, en misschien begrijpen.
De anekdote, de geestige opmerking of de woordspeling in hun bouwstukken, dienen ethische effecten te sorteren - bewustwordingen, zou je kunnen zeggen.
Het spel geeft blijk van heuristische kwaliteiten.
De Loge dient als kader voor hun Maç..-. voorstellingen: het spel wordt geënsceneerd volgens de principes van de improvisatie.
De verwikkelingen worden uitgelokt.
het verhaal wordt ter plaatse geschreven, en de voorstelling is geen enkele keer gerepeteerd, want de werkelijkheid is onherhaalbaar....Ook menen zij dat, zoals een goede arts verplicht is de mensen daar te hulp te komen waar veel zieken zijn, het de wijze past, zich bij voorkeur daar te vestigen waar de meeste onwetenden voorkomen, om ze hun gebrek aan inzicht voor te houden en ze te overtuigen'(Dio Chrysostomus) .
En waar kun je je streven naar destabilisering beter manifesteren dan visiterend bouwstukken op te leveren? De symbolische plaats van het evenwicht.
Hun spel is een farmacopee, een medicatie.
De Br..-. en Zr..-. zijn "ziek", ze moeten worden genezen.
Het enige drankje dat helpt, dat de werkelijke aandoeningen bestrijdt, wordt toegediend in spelvorm, alsof daarmee een werkelijk bittere drank kan worden aangelengd... De filosoof als arts van de beschaving is een metafoor die zowel Schopenhauer als Nietzsche sterk zal aanspreken.
De blijmoedige Vrijm.-. zijn een van die artsen die alle kwalen behandelen of de psychiater - waar Socrates zich alleen beriep op de gynaecologie en de verloskunde.
Men herinnere zich de maieutiek, gedefinieerd als de verloskunde van de geest.
Deze Vrijm.-. praktiseren een therapie en een kunst tegelijk: de speelse Vrijm.-. veronderstelt immers gaven, talenten, de beheersing van bepaalde technieken, een inspiratie die het nooit laat afweten, een uitgesproken en scherp gevoel voor diagnostiek en de nodige medicaties .
Dat alles in een circus waarin zowel plaats is voor de roes als voor de maskerade - waarin men de voornaamste bestanddelen van het spel terugvindt.
Bij LDH brengen zij hun vrolijke kunsten in praktijk, maar zijn zeer teleurgesteld dat zij zo weinig respons krijgen van de Opp.-.
Dat is echter niets abnormaals: wie zich van zijn kwaal bewust is, zou al aan de beterende hand zijn.
En bovendien moet worden gezegd dat zij het zich wel erg moeilijk maken door in de Loges te opereren, tijdens de comparities.
Is iets bespottelijkers denkbaar dan het beoefenen van de wijsheid op een plaats die is gewijd aan de verering van het rituaal? Zij weten dat waar geen weerstand te overwinnen valt, de overwinning zonder glans is.
De speelse Vrijm.-. onthult zijn patiënten de ziekten waaraan ze lijden.
Maar het is aan hem om de consultaties af te dwingen, want niets is erger dan de zieke die niet weet dat hij ziek is. . . 'Hij verwonderde zich erover dat, wanneer hij zich als tandarts zou presenteren, iedereen die een kies wilde laten trekken naar hem toe zou komen; ja, als hij zou beweren hun ogen te kunnen genezen, zou iedereen met een oogziekte zich bij hem komen melden; en zo zou het ook gaan als hij beweerde een remedie te hebben tegen zwaarmoedigheid, tegen jicht of verkoudheid.
Maar als hij degenen die naar hem luisterden, beloofde hen te bevrijden van dwaasheid, van perversie en van onmatigheid, dan schonk niemand hem aandacht, vroeg niemand om genezing, zelfs al zou hij daar veel profijt van hebben.
Het was alsof de mensen van die laatste kwalen minder last hadden dan van die andere ziekten, alsof een mens veel meer last had van een gezwollen milt of een rotte kies dan van een domme, onwetende, lafhartige, arrogante, wellustige, serviele, lichtgeraakte, wrede, perverse, in één woord: een volkomen verdorven ziel' (Dio Chrysostomus).
De kwalen waaraan de mensheid lijdt, zijn gemakkelijk onder te brengen in een en dezelfde categorie: de mensen zijn ziek omdat ze niet weten hoe ze vrij kunnen leven, omdat ze geen weet hebben van de vreugden van de autonomie, van het zichzelf genoeg zijn en van een volledige macht over zichzelf.
Van de grote gezondheid, zou Nietzsche zeggen.
De symptomen zijn duidelijk: een voorliefde voor het frivole, voor het gemakkelijke, voor geld, macht, eer, bekrompenheid, kortzichtigheid, conformisme of geloof in de eeuwenoude idealen van werk, gezin en vaderland.
Op de weg naar herstel, met de bevrijdingstechnieken die deze Vrijm.-. aanreiken, treden de individuen een esthetische dimensie binnen, want 'op een zeker niveau,' schrijft Nietzsche, 'is het allemaal één geheel: de gedachten van de filosoof, de werken van de kunstenaar en de goede daden' .
Handelen als een Vrijm.-. betekent voor hen: je eigen bestaan vormgeven als een meesterwerk, de materie vormen in aristotelische zin: het dagelijks leven inhoud, een uiterlijke vorm, een eigen aard, stevigheid, consistentie en harmonie geven.
Zo wordt het omgevormd.
Een leven moet worden gewild, doordacht en verlangd zoals een kunstenaar al zijn energie gebruikt om een object te maken dat uniek is.
Speelse Vrijm.-. verachten bovenal de mensen die met hartstocht en vastbesloten bijdragen tot hun eigen vervreemding door zich volkomen passief over te geven aan het toeval en het lot.
Zij verfoeien passiviteit.
Handelen veronderstelt een betrokkenheid en een conflict met het werkelijke, een individueel gevecht met de weerstand die de wereld biedt.
De zonen van Antisthenes weten dat deze filosofie, behalve een spel en een kunst, ook een gevecht is.
Ook daar vindt men de ludieke dimensie terug, met name die welke het agon betreft - zoals Roger Caillois dat beschrijft.
In de Loges waar zij komen om contact te zoeken met de andere Vrijm.-., vestigen zij er de aandacht op dat ook zij de kwaliteiten bezitten voor het mystieke, het esoterische, maar op een minder denkbeeldige wijze dan de "serieuze" Vrijm.-.
Als men hen vraagt wat dat voor Vrijm.-. waren die zij als verschrikkelijke spoken afschilderen, antwoorden zij dat het de ergste waren, en dat zij zich niet gemakkelijk laten overwinnen, die geen enkele Vrijm.-. in de ogen zal durven kijken; het zijn in elk geval, voegen zij eraan toe, geen wetenschappers, denkers, ethici, noch sociaal-filosophen, politici- of leiders, maar veeleer tegenstanders waar de mensen iets van leren'.
Het antwoord, een tikkeltje raadselachtig, maakte degenen die iets probeerden te begrijpen alleen maar in de war.
.
.
Een van de Br.-. in hun Loge, die zich afvroeg hoe hij dat moest opvatten, vroeg wie die Vrijm.-. waren.
Zij antwoordden: 'De meest geduchte moeilijkheden, die niet te overwinnen zijn door ingebeelde veelvraten de hele dag alleen maar vreten en 'snachts alleen maar snurken, maar die met gemak bedwongen zouden worden door uitgeteerde bonenstaken met een taille smaller dan die van een wesp.
Of geloof jij, gingen zij verder, dat die dikbuiken ergens goed voor zijn - verstandige mensen zouden ze aan een reinigingsrite moeten onderwerpen en het land uit moeten jagen.
' Zij komen tot de conclusie dat zulke Vrijm.-. 'minder ziel dan varkens' bezitten, en stellen daartegenover degenen die zulke moeilijkheden spelenderwijs overwinnen, zoals sommige kinderen het dobbelspel spelen.
Geestelijke luiheid, -traagheid en -vetzucht zijn voor deze Vrijm.-. verwant: als een geest bezwaard is, komt dat door geestelijke zwaarlijvigheid, en een mens die zich niet oefent in een besluitvaardig en wilskrachtig leven, is als een varken.
Uitgaande van een dergelijke fysica van de geest zou je de deugden van de wijze kunnen afleiden: soepelheid, lenigheid, kieskeurigheid, elegantie.
Waar vind je die eigenschappen verenigd, anders dan in de danser? En waar anders dan bij Nietzsche kan men de lofzang op de dans lezen en de praktijk van de koorddanser vergeleken zien met de precieze activiteit van degene die een ander type mens wil? Ether, adem, wind en ruimte - geen betere metaforen voor het speelse streven.
De danser is niet te vinden in de Loges: men treft er vaker de vlezigheid, de spieren en het vlees die de geest in een krap bemeten kooi dwingen.
Tegenover de bouwstukken in de Loge, die een loze geestesoefening veronderstellen, stellen deze speelse Vrijm.-. de speelse Loge, die de overwinning op de geest verbinden met de onvoorwaardelijke overwinning op zichzelf, door van het eerste de eerste stap naar het tweede te maken.
Zelfbeheersing is het enige succes dat een speelse Vrijm.-. waardig is, het enige doel ook dat waard is dat de filosoof ervoor vecht en er zijn energie aan spendeert: 'Zo kunnen tegenslagen ons niet deren als we ze met minachting en vastbesloten het hoofd bieden.
Maar als men zich er angstig aan onttrekt, als men ervoor terugdeinst, dan lijken ze veel sterker en geduchter' (Dio Chrysostomus).
De ethiek van de speelse Vrijm.-. is dus een spel: ze is niet alleen een kunst, maar doet bovendien een beroep op wat er in ons huist aan strijdlust, aan plezier in roes en mimicry: de filosoof onderhoudt, beurtelings als kunstenaar, arts, atleet en danser, meer betrekkingen met de esthetica dan met de wetenschap, is meer betrokken op het schone dan op het ware.
De speelse Vrijm.-. is het tegendeel van een positivist - Kierkegaard zou hem een ethicus noemen, Nietzsche een kunstenaar-filosoof .